Landschap Noord-Holland aankoop Berkmeer
3 maart 2025Inzet op 1.000 hectare stuctuurverbetering
7 april 2026
Visie op kavelruil
Interview met Ninouk Vermeer, Natuurmonumenten:
‘We leggen met elkaar een soort puzzel’
Ninouk Vermeer werkt sinds vier jaar bij Natuurmonumenten en vertegenwoordigt namens de terreinbeherende organisaties het natuurbelang in het algemeen bestuur van Stivas. In haar werk heeft zij veel contact met provincies, waterschappen en andere grondeigenaren over vraagstukken rond natuurontwikkeling, waterbeheer en ruimtelijke inrichting.
Volgens Vermeer kan vrijwillige kavelruil in die ruimtelijke functieverdeling een belangrijke rol spelen. “In een provincie waar de druk op de ruimte groot is, helpt het om samen te zoeken naar oplossingen waarbij meerdere doelen tegelijk gerealiseerd kunnen worden.”
We spreken elkaar in Nationaal Park Zuid-Kennemerland. Over een fiets- en wandelpad lopen we tussen de Schotse hooglanders door richting werkschuur De Bosuil, een vergaderplek midden in het duin. Voor de deur treffen we nog net een paar mannen in groen – boswachters die op het punt staan weg te rijden – die vriendelijk de deur voor ons openen.
Kunt u zich kort voorstellen en uw rol bij Natuurmonumenten toelichten?
Vermeer: “Ik werk inmiddels ruim vier jaar bij Natuurmonumenten en ben daar vooral bestuurlijk actief. Dat betekent dat ik veel contact heb met provincies, waterschappen en gemeenten, maar ook met andere natuurorganisaties en agrarische natuurverenigingen. In die rol probeer ik belangen bij elkaar te brengen en te kijken waar samenwerking mogelijk is. Noord-Holland heeft daarin wel een eigen dynamiek. De ruimte is hier schaars en de druk op het landschap is groot. Natuur, landbouw, recreatie en woningbouw liggen dicht bij elkaar. Dat maakt het soms ingewikkeld, maar het dwingt ook tot samenwerking en slimme oplossingen.”
Sinds wanneer bent u bij Stivas betrokken en kende u de organisatie toen al?
“Via mijn werk bij Natuurmonumenten ben ik betrokken geraakt bij Stivas. Ik kende de organisatie daarvoor al wel, want ik zat in een begeleidingscommissie van een grondruil. Dit ervaring maakte des temeer duidelijk hoe belangrijk zo’n organisatie kan zijn bij het realiseren van grondruil. Vanuit de terreinbeherende organisaties zitten we daarom ook in het algemeen bestuur.”
Wat is de meerwaarde voor uw organisatie om mee te denken?
“Voor natuurorganisaties is grond vaak een sleutel om doelen te realiseren. Denk bijvoorbeeld aan het Natuurnetwerk Nederland, waar nog steeds hectares moeten worden ingericht of versterkt. Door mee te denken binnen Stivas kunnen we beter aansluiten bij andere partijen die ook belangen hebben in een gebied: agrariërs, overheden of waterbeheerders. Het gaat er uiteindelijk om dat je samen kijkt hoe je een gebied beter kunt inrichten. Soms betekent dat dat natuur kan uitbreiden, soms dat landbouwbedrijven beter kunnen functioneren.”
“Door het gesprek vroeg te voeren voorkom je dat iedereen op zijn eigen eiland blijft zitten. Uiteindelijk leg je met elkaar een soort puzzel: hoe passen al die functies en doelen in hetzelfde gebied? Als daar oplossingen in worden gevonden, kan dat voor alle betrokken partijen winst opleveren.”
Wat is volgens u de kracht van vrijwillige kavelruil?
“De kracht van dit instrument zit vooral in het vrijwillige karakter. Partijen doen alleen mee als ze er zelf ook voordeel in zien. Dat kan niet altijd overal maar wanneer het kan ontstaat er een positieve dynamiek. Bij vrijwillige kavelruil kijk je gezamenlijk hoe een gebied beter kan functioneren. Dat kan gaan over natuur, maar ook over landbouwstructuur, waterbeheer of recreatie. Omdat iedereen aan tafel zit, kun je zoeken naar oplossingen waar meerdere doelen tegelijk worden bereikt. Het is wel van belang dat de doelen vooraf helder zijn.”
Kunt u een concreet voorbeeld noemen dat dat illustreert?
“In verschillende gebieden wordt kavelruil ingezet om natuurdoelen te realiseren of om het Natuurnetwerk Nederland verder te versterken. Door percelen anders te verdelen of te ruilen kun je natuurgebieden logischer laten aansluiten en tegelijkertijd agrariërs helpen om hun bedrijfsvoering te verbeteren. Dat soort processen vraagt tijd en vertrouwen, maar uiteindelijk kan het voor alle partijen een beter resultaat opleveren dan wanneer iedereen afzonderlijk probeert zijn doelen te realiseren.”
“Een mooi voorbeeld vind ik de kavelruil in de Noordelijke Vechtstreek, een traject dat ik van dichtbij heb meegemaakt. Daar kwamen vier opgaven samen: stikstofreductie, het tegengaan van bodemdaling, verbetering van de agrarische structuur en natuurontwikkeling. In zo’n proces zie je hoe complex die puzzel kan zijn, maar ook hoe vrijwillige kavelruil helpt om verschillende belangen bij elkaar te brengen. Juist doordat meerdere doelen tegelijk worden meegenomen, kan uiteindelijk een oplossing ontstaan waar meerdere partijen baat bij hebben.”
Welke rol ziet u voor Stivas in de komende jaren?
“De komende jaren staan we voor grote maatschappelijke opgaven. Denk aan natuurherstel, waterkwaliteit, klimaatadaptatie en hydrologisch herstel. Dat zijn opgaven die vaak letterlijk in hetzelfde landschap samenkomen en allemaal om ruimte vragen. Juist daarom is een organisatie als Stivas belangrijk. Zij kunnen partijen bij elkaar brengen en helpen om op perceelniveau oplossingen te organiseren. Als je dat goed doet, kun je meerdere doelen tegelijk realiseren.”
“Het is wel belangrijk dat Stivas zichtbaar blijft als een organisatie die dat kan: verbinden, organiseren en helpen om concrete stappen te zetten in het landelijk gebied. Dat betekent ook dat we misschien alerter moeten zijn om Stivas in te schakelen. Dat gebeurt nog niet altijd vanzelfsprekend, terwijl zij met hun ervaring en expertise juist een grote rol kunnen spelen bij dit soort opgaven.”